Alouette III

De Alouette III is een lichte eenmotorige helikopter die tussen 1963 en 2016 in dienst geweest bij de Groep Lichte Vliegtuigen (GPLV), de voorloper van het Defensie Helikopter Commando.

Specificaties

  • Bemanning: 2.
  • Capaciteit: 5 passagiers.
  • Lengte: 10.03 m
  • Hoogte: 3 m
  • Leeg gewicht: 1,143 kg
  • Maximum gewicht: 2,200 kg
  • Motor: 1 Turbomeca Artouste IIIB turboshaft, 649 kW (870 pk)
  • Rotor diameter: 11.02 m

In het museum

NMM

In het NMM zijn nog een aantal Alouettes geconserveerd.

Daarnaast is er het Alouette Museum Barneveld. De Stichting Alouette Museum Barneveld is opgericht op 31 maart 2020. De stichting wil de Alouette helikopter, met haar rijke verleden binnen de Koninklijke luchtmacht, behouden voor de Nederlandse luchtvaart.

Alouette Museum Barneveld

In Barneveld vinden we het Alouette Museum. Het museum is (volgens de doelstellingen) voortgekomen “uit de interesse en behoefte om de Alouette helikopter en haar rijke verleden binnen de Koninklijke Luchtmacht en Schreiner Airways te behouden. We willen een plek zijn waar mensen herenigd kunnen worden met elkaar en met de machines. Alleen op deze manier behouden we de verhalen en gaat de historie voor de Nederlandse Luchtvaart niet verloren.”

Het museum heeft ondertussen een aantal helikopters veilig gesteld voor het nageslacht. Allerlei memorabilia rond dit model helikopter worden in hun hal tentoon gesteld. En het magazijn puilt uit van de onderdelen van het type. Tot slot hebben een aantal leden een modelhelikopter Alouette III.
Tijdens een bezoek aan dit fraaie museum nemen onder andere oud-KLu-medewerkers je mee in het verhaal over en de mens achter deze helikopter.

Kodachrome

In het verleden was de Alouette al een ‘graag geziene’ helikopter. De meesten vlogen bij 298 squadron op de vliegbasis Soesterberg.

Blauwe boekje

Rond 1980 gaf te toenmalige personeelsvoorziening KLu de tegenwoordig befaamde blauwe boekjes uit. Hierin werd per type stilgestaan bij de bijzonderheden van dat type.

Het meest verkochte Europese hefschroefvliegtuig is de Alouette van Sud Aviation. Was deze firma reeds een samensmelting van Sud Est en Sud Ou est, thans is dit bedrijf bekend onder de naam Société Nationale IndustrielIe Aérospatiale, als gevolg van het overnemen van enkele andere industrieën. De succesvolle ‘carrière’ van de Alouette is begonnen op 12 maart 1955 met de eerste vlucht van één der prototypes, waarvan de fabrieksaanduiding was: SE 3138. Op 6 juni daaraanvolgend vestigde de Alouette een toenmalig hoogterecord voor heli’s: 8.209 meter.

Van deze oorspronkelijke versie werden er 923 stuks verkocht naar 33 landen; van een versie meteen zwaardere motor, de SA 315 Lama, nog eens ruim 200. De Koninklijke luchtmacht nam in 1959 acht stuks 5-persoons Alouettes in dienst, die in 1963 werden aangevuld met 77 stuks van de grotere broer, de Alouette III, een 7-persoonsuitvoering. Vijf stuks van de laatstgenoemde werden toegewezen aan de Search and Rescue-vlucht (SAR) op Soesterberg (Sedert juli 1977 gestationeerd op Leeuwarden) en zijn daartoe uitgerust met opblaasbare drijvers om op het water te kunnen landen en met een takelinstallatie voor het oppikken van drenkelingen. De overige Alouettes behoren tot de Groep Lichte Vliegtuigen (GPLV), in de squadrons 298 op Soesterberg en 299 en 300 op Deelen. De Groep is belast met ondersteuning van operaties van het 1e Legerkorps, door middel van verkennings-, liaison- en transportvluchten.

De Alouettes II werden in 1965 uit de vaart genomen. Zoals gezegd, de Alouette III is groter – en derhalve zwaarder en sterker dan de II, maar niettemin wordt ook hij nog aangeduid als lichte transporthelikopter. Het prototype maakte zijn eerste vlucht op 28 februari 1959 en sedertdien zijn er meer dan 2.000 exemplaren gebouwd in vier varianten, door de fabriek geregistreerd als SA 316A, -B, -C en SA.

Amerika, India, Roemenië, Zuid-Afrika en Zwitserland bouw(d)en Alouettes in licentie. Door dit alles kan men !de populaire heli aantreffen in ongeveer 40 landen. Frankrijk kent een bewapende versie, die is uitgerust met twee externe mitrailleurs danwel kanonnen en twee tot vier ‘anti-tank raketten’ of twee rocketlaunchers met 36 raketten.

De Nederlandse luchtmacht vliegt met een onbewapende versie in egaal legergroene beschildering. De bij de SAR ingedeelde Alouettes hebben de ‘non-operational’ beschildering met fel-oranje rompvlakken. Ogenschijnlijk is de registratie een allegaartje, aangezien de nummers geen opeenvolgende reeks vormen. Er is echter gebruik gemaakt van de eindcijfers van de constructienummers en doordat meerdere afnemers tegelijkertijd werden bediend vertoont de nummering een aantal hiaten. Bij de GPLV-heli’s is het nummer gecombineerd met de letter A, bij de Search and Rescue met de letter H.

De Alouettes van de Groep Lichte Vliegtuigen worden gevlogen door vliegers van de luchtmacht, terwijl ook het onderhoud in luchtmachthanden is.

Als ondersteuning van landmachtcommandanten – de primaire taak van de Groep – worden verkennings-, bewakings-, liaison- en vuurleidingsopdrachten gevlogen. De vliegers worden bij de uitvoering van deze opdrachten bijgestaan door dienstplichtige officieren van de Koninklijke landmacht, de ‘legerluchtwaarnemers’ .

Speciale transportvluchten daargelaten, worden de opdrachten over het algemeen individueel uitgevoerd, d.w.z. één helikopter per opdracht. De operationele missies worden in de regel op geringe hoogte gevlogen. Deze werkwijze brengt met zich mee dat de vlieger naast het beschikken over een gedegen kennis van het helikoptervliegen en van de laagvliegnavigatie, in staat moet zijn zelfstandig in landmachtverband te velde te opereren. Dit betekent dat hij geen ondersteuning van meteorologische en verkeersleidingsdiensten heeft. Daardoor zal de vlieger veelal zelf moeten beslissen of een opdracht uitvoerbaar is, anders gezegd of er gevlogen zal worden en zo ja, hoe, langs welke route, enz.
Daarnaast krijgen de vliegers vaak opdrachten van geheel andere aard en oorsprong: surveillancevluchten voor de Rijkspolitie, gewondentransport, niertransporten, VIP-vluchten en calibratievluchten voor radarposten.

Naast de hiervoor beschreven Alouettes beschikt de GPLV nog over 30 Bölkow Bo 10Se helikopters.