X-300 Integrator

De X-300 Integrator is een onbemand verkenningssysteem (unmanned aerial system, UAS). Het vliegtuigje ervan is herkenbaar aan zijn twee staartbomen. Met de Integrator worden inlichtingen verzameld door het maken van foto- en filmopnamen. 

Specificaties

  • Fabrikant Boeing-Insitu
  • Aantal aangeschaft: 6
  • Lengte: 2,20 meter
  • Spanwijdte: 4,80 meter
  • Kruissnelheid: 100 kilometer per uur
  • Maximum snelheid: 148 kilometer per uur
  • Maximum vlieghoogte: 4.572 meter (15.000 feet)
  • Maximaal bereik: 93 kilometer
  • Vliegduur: 16 uur
  • Motor: 2 cylinder injectiemotor 8 pk (6,0 kW), JP-5 of JP-8 als brandstof
  • Leeggewicht: 34 kilogram
  • Maximum startgewicht: 61 kilogram
  • Registratienummers: Z-901 tot en met Z-906

Drone of vliegtuig?

Volgens de Van Dale is een drone een ‘op afstand bestuurd klein luchtvaartuig‘. Klein kunnen we het onbemande vliegtuig van het verkenningssysteem niet noemen. Vliegtuig, of beter nog, onbemand vliegtuig, is daarom een betere aanduiding. Officieel gaat het om een Staatsluchtvaartuig. De overheid heeft hiervoor de nodige verplichte certificeringen en regelingen in het leven geroepen.

X-300 in de Benelux

Nederland heeft samen met België en Luxemburg zeven Integrator-systemen aangeschaft. Nederland drie en België en Luxemburg ieder twee. Ieder Integrator-systeem bestaat uit twee toestellen, een grondstation, een exploitatiesysteem, een lanceerinstallatie en een opvanginstallatie.

Alle systemen maken deel uit van een pool en zijn dus beschikbaar voor alle drie de landen. Dat wil zeggen dat een volledige Belgische crew met een Nederlands toestel kan vliegen en vice versa. Nederland verzorgt de opleiding en staat ook in voor het onderhoud van de toestellen. Daarnaast zijn alle systemen in Nederland geregistreerd.

Naast de vliegende systemen heeft Nederland ook 3 simulatoren aangeschaft.

Het systeem Nederlandse systeem is in gebruik bij 107 Aerial Systems Battery van het Joint Intelligence Surveillance Target Acquisition Command (JISTARC).

Starten en landen

De Integrator start met vanaf een lanceerrails. De landing is via een zogeheten ‘skyhook’. Start- en landingsbanen zijn daarom niet nodig. Allereerst is de X-300 voor ondersteuning van landmachteenheden. Aan boord van een schip kan hij ook de marine ondersteunen. Het enige wat nodig is, is een lanceer- en opvanginstallatie (en uiteraard goed bedienend personeel). Een complete oefenvlucht is in een ander artikel uitgewerkt.

RQ-21 Blackjack

Onze X-300 Integrator is in Amerika bekend onder de naam RQ-21 Blackjack. Hij werd als onbemand verkenningssysteem door de Amerikaanse Marine in juni 2010 verkozen boven de Raytheon Killer Bee , de AAI Aerosonde en de General Dynamics / Elbit Systems Storm.

De eerste RQ-21A Integrator vloog voor het eerst op 28 juli 2012. In september 2013 werd de Integrator omgedoopt tot RQ-21A Blackjack. Op 28 november 2013 kende de Amerikaanse marine Boeing Insitu een contract van $ 8,8 miljoen toe voor kleine productie ter voorbereiding op de volledige productie.

Het Amerikaanse Korps Mariniers heeft eind april 2014 zijn eerste RQ-21A Blackjack-systeem in Afghanistan ingezet. De inzet van de RQ-21A Blackjack bereikte pas in 2019, na de nodige technische problemen, de volledige operationele capaciteit.

Ruimte voor innovatie

De Integrator heeft standaard een gecombineerde elektro-optische en infraroodcamera aan boord, Defensie heeft hem in twee verschillende types. Daarnaast is er nog ruimte om extra of op termijn modernere sensoren mee te nemen. De X-300 is modulair opgebouwd en kan zo langer worden gemaakt, zonder dat dit ten koste gaat van de stabiliteit.

Boeing-Insitu heeft rond het basisplatform al een aantal verschillende versies ontwikkeld. Met bijvoorbeeld een module voor satellietcommunicatie, een grote drone die het lanceer- en vangsysteem vervangt of een versie met bewapening. Nederland heeft deze varianten trouwens niet. We tonen ze om de mogelijkheden en de flexibiliteit van het Integrator-systeem te laten zien.

Integrator ER

De Integrator Extended Range is de langeafstandsversie van het systeem. Hij gebruikt satellietcommunicatie voor het ontvangen en versturen van de signalen. Hierdoor hoeft er geen zichtlijn meer met het grondstation te zijn. In de neus wordt een module voor de communicatie gezet. Onder de romp komt de sensor. De vliegduur is tot 24 uur en de maximale vlieghoogte 6.000 meter. Op 900 kilometer afstand hand het toestel nog 10 uur zijn verkenningstaken uitvoeren.

Integrator P-LEO

Een andere versie is de ‘Proliferated-Low Earth Orbit Satellite Control‘ variant. Ook deze gebruikt satellietcommunicatie. In deze uitvoering kan Integrator tot 2.000 Nautical Miles (3.700km) vliegen gedurende 27,5 uur. Volgens Insitu kan deze versie concurreren met bijvoorbeeld de Reaper. Zowel qua kosten als in gebieden waar het neerschiet-risico hoog is. De P-LEO versie is de herkennen aan de platte antenne op de romp.

Integrator VTOL

De afkorting VTOL staat voor ‘Vertical Take Off and Landing‘. Stijgt het verkenningsvliegtuigje dan verticaal op? Nee, daarvoor is de FLARES. Het Flying Launch and Recovery System is een grote drone die het verkenningsvliegtuig naar lanceerhoogte brengt. Om de landen wordt de kabel van de FLARES een een object vastgemaakt waarna hij zelf tot 100 meter opstijgt. De landing voor het verkenningsvliegtuig is dan normaal aan de kabel.

Integrator Shryke

De laatste variant is de bewapende Integrator. In een test is de Integrator bewapend met een Shryke. Deze laatste is een kleine GPS-geleide bom waarvan de Integrator er twee kan meenemen.