Pathfinders

« Back to Glossary Index

De opleiding tot pathfinder is indertijd geïnitieerd door generaal James Gavin (1907-1990) van de 82nd Airborne Division. Dat gebeurde na de amfibische Operation HUSKEY tijdens de invasie van Sicilië (1943).

De droppings van veel parachutisten eindigden door de hevige wind desastreus. Veel Amerikaanse para’s van 504th Parachute Infantry Regiment van 82nd Airborne Division, maakten hun eerste exit onder gevechtsomstandigheden, landden in zee, verdronken of raakten verstrikt in hun lijnen.

Bij de eerste daaropvolgende grootschalige geallieerde actie, Operation Overlord (D-Day), werden voor het eerst pathfinders gedropt om de dropzones te markeren en van radiobakens te voorzien.

De grondcomponent van 11 Air Manoeuvre Brigade kent eveneens de pathfinder. Het principe is overgenomen naar het voorbeeld van Britse 16 Air Assault Brigade (bekend van de Pegasus) én 101 Airborne Division.

Het Nederlandse pathfinder-peloton is opgericht in 2007 en ontving initieel zijn pathfinder-cursus bij de Belgische krijgsmacht in Schaffen.

De pathfinder is een ‘verkenner+’ die deel uitmaakt van het Brigade Recce Detachment (BRD). Deze gespecialiseerde verkenner kan zowel airborne (parachute) als heliborne (via fast-roping) worden ingezet, maar in beginsel in teams op brigadeniveau. De meest vanzelfsprekende inzet van de pathfinders is in een diepe operatie, met name air assault. Het is de taakstelling zo risicoloos mogelijk pax en/of cargo van de hoofdmacht op het grid te laten droppen of uitstijgen.

Het BRD is een deels voor de gelegenheid geformeerde eenheid die direct onder bevel staat van de brigadecommandant. Het BRD is samengesteld uit de verkenners van de infanteriebataljons luchtmobiel én de pathfinders. De pathfinder zelf is deels instructeur bij de Heli Instructie Groep (HIG) van de School Grond Lucht Samenwerking (SGLS), deels paraatgesteld als BRD-pathfinder. Indien nodig kan een team pathfinders worden aangevuld met forward air controllers (FAC’ers), schutters-lange-afstand (SLA’s) en andere terzake doende functionaliteiten.

Voorafgaand aan inzet wordt benodigde verkenningscapaciteit gecentraliseerd voor een zgn. ‘Advance Force Operation’; in de regel vindt deze 24 à 48 uur voorafgaande aan de inzet van de hoofdmacht plaats, maar kan – afhankelijk van de dreiging – evengoed vlak voor de landing plaatsvinden.

Eigen verkenningscapaciteit op brigadeniveau in de vorm van een BRD of team is noodzakelijk om een complete situational awareness van het inzetgebied te krijgen. De door pathfinders verzamelde inlichtingen zijn vitaal om het operationeel besluitvormingsproces (OBP) binnen de brigadecommandopost of Joint Command Post (JCP) positief te beïnvloeden.

De taken van de pathfinder:

  • Dirigeren de eerste troepen na landing op de LZ’s naar de chalkverzamelpunten
  • Houden de LZ’s in het gebied van de komende actie onder waarneming (eyes on target) vanuit uitgebrachte observatieposten (OP’s), opdat de in te zetten hoofdmacht (main force) niet wordt gecompromitteerd
  • In kaart brengen van onverkend gebied met een ‘area search’
  • Inrichten van heli landing sites (HLS)
  • Uitvoeren van specifieke doelverkenningen (pathfinding missions)
  • Verkennen van alternatieve LZ’s
  • Verkennen van gebieden voor de inrichting van een staging area (SA) dan wel forward operating base (FOB) en forward arming and refuelling point (FARP) in het kader van air mechanised optreden
  • Verkennen van geschikte, al dan niet pre-planned (te voren bepaalde), landingzones (LZ’s) met de beste naderings- naar én derouteringsroutes uit vijandelijk gebied
  • Voorzien de moedereenheid steeds van real-time informatie over de LZ’s: zowel sterkte en locatie van de vijand als uit te schakelen luchtafweergeschut hebben eerste prioriteit

Pathfinders kunnen ook, vanwege hun bescheiden aantal, beperkte offensieve acties uitvoeren ter ondersteuning van de komst van de hoofdmacht, waarna exfiltratie zal volgen.

Pathfinders dragen als onderscheidingsteken de ‘gevleugelde toorts’.

Meer informatie

[Bron: Boekje Pienter]