Leopard 1 gevechtstank

De Leopard 1 is een in Duitsland ontwikkelde gevechtstank waarvan het eerste exemplaar in 1965 werd gebouwd. De meeste gebruikers hebben de tank intussen vervangen door een modernere. In onder andere Nederland werd de tank vervangen door zijn opvolger, de Leopard 2. In totaal werden er wereldwijd meer dan 6.485 exemplaren afgeleverd: 4.744 gevechtstanks en 1.741 varianten.

Specificaties

  • Lengte: 9,54 m
  • Breedte: 3,37 m
  • Hoogte: 2,62 m
  • Gewicht: 42,5 t
  • Pantser 70 mm plaatdikte; 180 mm equivalentie voor A1; 300 mm vanaf A3
  • Hoofdbewapening 105mm-L7A3-kanon
  • Secundaire bewapening: 2x 7,62mm-MG3i-machinegeweer
  • Motor: MTU MB 838 Ca-M500; 10-cilinder; 37,4 l; 830 pk
  • Snelheid (op wegen): 65 km/u (vooruit), 25 km/u (achteruit)
  • Rijbereik: 600 km (weg), 450 km (terrein)
  • Brandstofvoorraad: 985 liter
  • Maximale klimhoek: 60%
  • Maximale rolhoek: 30%
  • Klimvermogen: 1,15 m
  • Overschrijdingsvermogen: 3 m
  • Waadvermogen: 2,25 m
  • Waaddiepte met snorkel: 4 m
  • Rotatie geschuttoren: 360°
  • Elevatie kanon: 20°; domping: 9° (naar beneden)
  • Munitievoorraad kanon: 60, 55
  • Munitievoorraad machinegeweren: 5500
  • Extra uitrusting: acht rookwerpers op toren

In Nederland

Nederland kreeg in eerste instantie 468 stuks van de Leopard A1 uit de vierde serie, gebouwd tussen oktober 1969 en maart 1972, als gedeeltelijke vervanging van de Centurion. De eerste bestelling op 27 december 1968 beliep 415 stuks (zesmaal 53 voor 6 bataljons en 97 voor de reservevoorraad) maar door de inval in Tsjecho-Slowakije in 1968 werden 53 extra tanks aangeschaft door de helft van de “Tsjechische injectie” aan te wenden om een extra bataljon te moderniseren. Dat bracht het aantal op zeven. Toen de Leopard 2 ingevoerd werd, bracht men het weer terug tot zes die nu alle het tankbataljon bij de pantserinfanteriebrigades gingen vormen; ook werden de verkenningsbataljons met achttien Leopard 1’s uitgerust.

Tegelijk met de aanschaf van de 53 extra gevechtstanks, werden ook 30 bergingstanks besteld, dit aantal liep al snel op tot 51 aangezien het niet praktisch bleek de oudere Centurion bergingstanks bij de Leopard bataljons in te delen.

Midden jaren tachtig werd de sterkte van de (panserinfanterie-brigade) Leopard 1-bataljons gewijzigd van 52, met drie eskadrons van zeventien, naar 61, met twee eskadrons van zeventien tanks en twee eskadrons van dertien tanks (plus een tank voor de bataljonscommandant). Zo kon men het bataljon desnoods perfect splitsen ter ondersteuning van de twee infanteriebataljons in de brigade; men kon ook een zwaartepunt leggen van 47 tanks bij één infanteriebataljon, zonder het andere ongedekt te laten.

In de loop van de jaren negentig werden alle Leopard 1’s uitgefaseerd en niet vervangen. Dat was een opluchting want in 1987 was er nog geen geschikte opvolger in zicht geweest en men meende toen voor de keuze te staan tussen het aanschaffen van nog meer Leopard 2’s of weer een nieuwe peperdure verbeteringsronde. Nederlands moderniseerde naar de versie 1V, een verbeterde versies van de basis Leopard 1. De V staat voor verbeterd. De 1V’s zijn uitgerust met een kanon-stabilisatiesysteem, een laserafstandsmetingssysteem, een vuurcontrolecomputer, afstandspantser en FN 7,62mm-machinegeweren (MAG). De verbeteringen zijn geleidelijk ingevoerd. In 1983 bleek het nieuwe vuurleidingsysteem niet te werken, zodat in een tijd van vrij grote spanningen eigenlijk de halve landmacht niet inzetbaar was.

Huidige status

De meeste Leopard 1 gevechtstanks zijn gratis geleverd aan Griekenland en verkocht aan Chili. Van de vijftig die resteren staat een aantal in musea (het Cavaleriemuseum heeft nog een aantal rijdende exemplaren in gebruik) of dient als monument, veertien dienen als schietdoel op bijvoorbeeld de Vliehors, vier zijn omgebouwd tot BARV voor het Korps Mariniers, één is omgebouwd tot rijopleidingsvoertuig en één romp dient voor elektronische oorlogsvoering. Ook komen we de Leopard 1 gevechtstank nog tegen als oefenobject bij bijvoorbeeld het oefenen van bergingen in de oefening Rhino Recovery.

[Oorspronkelijke bron tekst: Wikipedia]