AAT

AAT: Aan- en Afvoer Troepen

De wapenspreuk van de AAT luidt: “Nil Nobis Absurdum” (“Niets is ons te dol”).

De eerste jaren

Toen op 1 augustus 1914 de algemene mobilisatie werd afgekondigd, kende de landstrijdkrachten geen transporteenheden. Een op 25 februari 1911 ingestelde commissie, met als doel te onderzoeken of het wenselijk was motorvoertuigen voor militaire doeleinden in te schakelen, besloot op 13 juni 1913 bij Koninklijk Besluit nummer 51 tot oprichting van het Vrijwillig Militair Automobielkorps en het Vrijwillig Militair Motorkorps.

In 1914 werd uit gevorderde vrachtauto’s het Etappen- en Verplegings Autobataljon gevormd, dat bestond uit vijf compagnieën. Hieruit kwam op 12 juli 1915 het Korps Motordienst (KMD) voort, dat later werd hernoemd tot Depot Motordienst (DMD).

Op 1 oktober 1947 werd het Regiment Aan- en Afvoertroepen opgericht. Dit regiment, dat de traditie van het voormalige Korps Motordienst voortzette, bestond uit een opleidingseenheid en een vijftal transporteenheden.

Op 4 juni 1953 werd uit de opleidingseenheden in Haarlem een nieuw Depot AAT opgericht. De standplaats voor de rij-instructiecompagnieën werd de Koning Willem III-kazerne in Tilburg, op 1 augustus 1967 omgedoopt tot Opleidingscentrum AAT (OCAAT).

Koninklijke waardering

Op 18 november 1975, ter gelegenheid van het 60-jarig bestaan van het regiment, werd namens Koningin Juliana door Z.K.H. Prins Bernhard het vaandel aan het Regiment Aan- en Afvoerrtroepen uitgereikt. Nooit eerder was aan een dienstvak een vaandel toegewezen. De uitreiking aan de Regimentscommandant van de AAT, kolonel J. van den Eijkel, vond plaats op de Generaal Winkelmankazerne in Nunspeet.

Uit erkenning voor de verrichtingen van 25 compagnieën van het regiment AAT in voormalig Nederlands-Indië, werd op 20 april 1979 aan het vaandel een cravatte toegevoegd, met als opschrift: ‘Java en Sumatra 1946-1949’.
In Nederlands-Indië ressorteerde de AAT onder de Verpleging en Transportdienst (VTD), waarvan de centrale leiding berustte bij het Directoraat VTD. De gedecentraliseerde leiding was in handen van een Territoriaal Verpleging en Transportofficier (TVTO), terwijl de leiding bij de eenheden – zoals de brigades, divisies e.d. – berustte bij de verpleging en transportofficieren (VTO) van de AAT.

Inzet

De AAT zorgde niet alleen voor het vervoer van personeel en goederen over zee, de weg, per spoor, door de lucht of per binnenschip, maar nam vaak ook de verkeersleiding op zich.

Hoogtepunten voor de AAT waren onder meer:

  • de activiteit bij de Watersnoodramp in 1953;
  • de grootschalige landmachtoefeningen in La Courtine;
  • de transporten van en naar in Duitsland gestationeerde eenheden;
  • de inzet in Libanon (UNIFIL), Cambodja (UNAMIC) en voormalig Joegoslavië (UNPROFOR en KFOR).

Foto’s: Aan- en Afvoertroepen in Kosovo 1999 tijdens de missie KFOR 1, sergeant S.P. Hoek

Opgeheven

Op 18 oktober 2000 is het Regiment Aan- en Afvoertroepen opgeheven, volgens het ‘Besluit tot opheffing van het Regiment Intendancetroepen en het Regiment Aan- en Afvoertroepen en de oprichting van het Regiment Bevoorradings- en Transporttroepen’ van 9 oktober 2000. Al het personeel ging over naar het nieuw opgerichte regiment.

[tekst: Boekje Pienter]

« Back to Glossary Index