Flakturm

In de Tweede Wereldoorlog zijn er door Duitsland in drie steden enorme bunkers gebouwd: de Flaktürme. Een Flakturm is een betonnen bunker met opstellingen voor luchtdoelgeschut. Flak is een Duitse afkorting voor Flugabwehrkanone (of Fliegerabwehrkanone, luchtafweerkanon), Turm is het Duitse woord voor toren.

Ontstaan

Na een Engels bombardement van Berlijn in de nacht van 25 op 26 augustus 1940 gaf Adolf Hitler opdracht voor de bouw van drie torens om de hoofdstad te beschermen tegen verdere aanvallen. Elke toren was voorzien van een radarinstallatie om vroegtijdig vijandelijke vliegtuigen te kunnen waarnemen en op het dak van de toren werden luchtafweerkanonnen geplaatst. De torens werden ingericht als schuilplaatsen voor de lokale bevolking in het geval van een luchtaanval en als opslagplaats voor (waardevolle) spullen.

De torens werden steeds als paar gebouwd: een Gefechtsturm (G-Turm) en een Leitturm (L-Turm). De G-Turm bevatte het zware luchtafweergeschut. In de Leit-Turm stond de opsporings- en zendapparatuur en licht afweergeschut.
Naast drie torenparen in Berlijn werden in de Tweede Wereldoorlog torens gebouwd in Hamburg (2 paren) en Wenen (3 paren).

Wenen

Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd het duidelijk dat luchtaanvallen – in het bijzonder de tapijtbombardementen – door de Britten en Amerikanen werden beschouwd als een middel om Duitsland op zijn knieën te brengen. De capaciteit van bommenwerpers nam toe, evenals hun bereik. Desondanks was Wenen tot 1944 buiten het bereik van de Britse langeafstandsbommenwerpers . Dat veranderde met de verovering van Italië.

Op 9 september 1942 gaf Hitler opdracht tot de bouw van luchtafweergeschutstorens in Wenen. De Luftwaffe was voor het bouwen in Schmelz , Prater en Floridsdorf . Hitler verwierp echter deze plaatsen omdat het stadscentrum vanwege de afstand niet voldoende beschermd zou zijn. Na besprekingen met Reichsgouverneur Baldur von Schirach werden de definitieve locaties bepaald.

Drie paar torens zouden een verdedigingsdriehoek moeten vormen, met als centrum de Stephansdom: in Augarten, in Arenbergpark en een derde in het Esterházypark. Doorslaggevend voor de keuze van de plaatsen waren de gemakkelijke beschikbaarheid van de bouwgrond en de mogelijkheid om spoorverbindingen tot stand te brengen. Het plan was om de luchtafweertorens na het zegevierende einde van de oorlog te bekleden met marmer en ze op te dragen aan de gevallen Duitse soldaten als monumenten.

 

Zoals bij alle Flaktürme, had Friedrich Tamms voor de planning de leiding. Hij werd in Wenen vertegenwoordigd door Anton Ruschitzka. De bouwleiding was in handen van Franz Fuhrmann van het Stadtbauamt. Het militaire commando was bij majoor Wimberger, die echter geen operationele staf had. Het materiaal werd aangekocht door de Organisation Todt (die we ook kennen van de aanleg van de Atlantikwall). De bedrijven van Philipp Holzmann en Gottlieb Tesch hebben de opdracht gekregen om de luchtafweertorens te bouwen, waarbij kleinere bedrijven via werkgroepen betrokken waren. Omdat de beschikbaarheid van bouwvakkers door de dienstplicht voortdurend afnam, werden er steeds meer krijgsgevangenen , buitenlandse en dwangarbeiders ingezet.

Tegen het einde van de oorlog waren de torens operationeel. Naast militaire commandocentra waren er ook militaire ziekenhuizen en productiefaciliteiten gevestigd. De torens dienden ook als schuilkelder voor de omringende mensen: tot 30.000 mensen konden in elke toren worden ondergebracht.

De torens hebben verschillende bouwhoogtes maar hun bovenste verdiepingen bevinden zich allemaal op gelijke hoogte. Hierdoor was het gemakkelijker om de gegevens van de Würzburg-radarsystemen te coördineren.

Het maximale bereik van elk van de vier hoofdkanonnen (12,8cm Flak-Zwilling 40) van elk toren was 20 km onder ideale omstandigheden. De kleinere platforms van de toren werden ontworpen voor 2cm-luchtafweergeschut, maar ze werden nooit hiervoor gebruikt. Er vlogen toen geen laagvliegende vliegtuigen meer boven de stad.

Flakturm V – Stiftskaserne/Esterházypark

Deze Flakturm bestaat uit de L-Turm in het Esterházypark en de G-Turm in de Stifstskaserne. De torens werden gebouwd tussen oktober 1943 en juli 1944. Naarmate de oorlog vorderde, moesten staal en beton worden bespaard, wat leidde tot de ontwikkeling van type III, een type dat alleen in Wenen staat. De L-Turm is met zijn elf verdiepingen hoger gebouwd dan de gevechtstoren met negen verdiepingen, zodat de bovenkant van beide torens ondanks verschillende grondniveaus op dezelfde hoogte staat.

De G-Turm staat tegenwoordig midden op het terrein van de kazerne en is van buiten nauwelijks te zien. Het gebouw is (ook nu nog) bedoeld als een snel toegankelijke noodopvang voor de Oostenrijkse topambtenaren. Vanwege dit militaire gebruik en de bijbehorende geheimhouding is er ook weinig bekend over de huidige staat van onderhoud. In de kelders van de L-Turm kan je het Foltermuseum bezoeken. Daarboven is een aquarium gevestigd en aan de buitenkant is een klimmuur. Helemaal bovenaan is als kunst een tekst op het gebouw geschilderd. We hebben alleen foto’s van de vuurleidingstoren.

 

beschrijving Gefechtsturm Leitturm
Fundering 2120m² 651m²
Bebouwde oppervlakte onbekend 488m²
Bruikbare oppervlakte onbekend 1915m²
Grondoppervlak 47m doorsnede 31m x 15m
Hoogte 45m 47m
Torenmassa  132.000 ton 50.250 ton

Flakturm VII – Augarten

Het luchtafweergeschut in het Augartenheeft de codenaam “Peter”. De torens werden tussen juli 1944 en januari 1945 gebouwd volgens type III . De gevechtstoren met 13 verdiepingen is twee meter hoger dan de vuurleidingstoren met 12 verdiepingen om de bovenzijde op gelijke hoogte te krijgen. Deze torens zijn de laatst gebouwde en meest ontwikkelde luchtafweertorens van het Derde Rijk . De versterkte vrijdragende balken aan de buitenkant zijn bijzonder opvallend en bedoeld voor eenvoudig onderhoud en reparatie van de platforms.

Deze G-Turm is de hoogste van alle luchtafweertorens. Oorspronkelijk waren slechts tien verdiepingen gepland, dit werd pas begin 1944 gewijzigd. De buitenwand is 2,50 m dik, de dikte van de binnenwand varieert tussen 1,40 meter onderop en 1 meter bovenaan. Deze binnenmuur heeft twee trappen en twee liften. Buiten werden twee munitieliften geïnstalleerd die naar het platform op de elfde verdieping leidden. Er waren doucheruimtes en een ontsmettingssysteem. Vier trappen leiden van hier naar de hogere verdiepingen en de geschutskoepels. Het plafond was 3,50 m dik. Hierop stond een kraan om munitie en kanonnen te vervoeren, De onderste verdiepingen werden gebruikt door wapenfabrieken.

De duidelijk zichtbare schade aan de G-Turm is het resultaat van een explosie in 1946. Toen staken spelende kinderen ongeveer 2000 stukken granaten van 12,8 cm in brand. De explosie die er op volgde tilde het het dak van de bunker op. Met staalkabels wordt de bovenkant van de toren bijeen gehouden.

De afstand tussen de vuurleidingstoren en de gevechtstoren is ongeveer 400 meter. Twee trappen leiden vanaf de zuidkant via sluizen naar de eerste verdieping. Er zijn twee nooduitgangen aan de noordkant. Het beschermende dak is 3,50 m dik.

Beschrijving Gefechtsturm Leitturm
Fundering 2.120m² 651m²
Verbaute Fläche  1.475m² 510m²
Nutzfläche  11.000m² 2.925m²
Grondoppervlak 43m doorsnede 31m × 18m
Höhe [m] 55m 53m
Torenmassa 149.100 ton 55.550 ton

Flakturm VIII – Arenbergpark

Het luchtafweergeschut in het Arenbergpark heeft de codenaam “Valeriaan”. De bouw vond plaats van december 1942 tot oktober 1943, waarbij beide torens werden gebouwd in type II met negen verdiepingen.

De G-Turm is de grootste van alle Weense luchtafweertorens. De muren zijn over het algemeen twee meter dik, maar ongeveer zeven meter op de bovenste drie verdiepingen. Er is een gangpad aan de buitenkant rond de begane grond, waardoor de totale oppervlakte 57,0 m × 57,0 m is, terwijl de werkelijke zijlengte van de toren 10 m minder is. De omringende muren van de geschutskoepels zijn vier meter dik. De beschermende deken boven de achtste verdieping is tussen de 3,80 m en 4 m dik. Oorspronkelijk waren er 8,8 cm dubbele kanonnen op het torentje, daarna 10,5 cm kanonnen, die later werden vervangen door de 12,8 cm kanonnen.
Tot de derde verdieping werd de toren gebruikt als bunker voor burgers, op de vierde verdieping was er een ziekenhuis en op de vijfde een verwarming- en ventilatiesysteem. Op de zesde verdieping zat Flugmotorenwerke Ostmark. Alleen de zevende en achtste verdieping werden gebruikt door het leger. Op de zevende verdieping was ook het Gau Propaganda Directoraat, het districtsbestuur, het Weense radiostation en Siemens & Halske gehuisvest.

Oorspronkelijk was het de bedoeling dat de Minister van Defensie en zijn staf hierheen zouden verhuizen. De NSDAP-partijleider stond echter op een bunker in het buitengebied van de stad.

Na de oorlog werd de toren korte tijd gebruikt door een farmaceutisch bedrijf en vervolgens gebruikt als magazijn voor medische benodigdheden van de Bundesheer. Op 31 augustus 1990 ging de administratie over naar de Bundesgebäudeverwaltung. Tegenwoordig is de eigenaar van de G-Turm de Bundesimmobiliengesellschaft (BIG, een soort Rijksgebouwendienst).

De muren van de vuurleidingstoren zijn tussen 2 m en 2,50 m dik, het plafond is ongeveer vier meter dik. In de kelder waren er voorzieningen afvalverwerking, de begane grond diende als een ziekenhuis. De tweede tot de vijfde verdieping dienden als schuilplaatsen voor de burgerbevolking waarbij de derde verdieping ook werd ingenomen door een watertank, de elektrische systemen en het ventilatiesysteem. Op de zesde verdieping waren er manschappenkamers, de telefooncentrale, het munitiedepot voor het lichte luchtafweerkanon en andere technische voorzieningen. De zevende verdieping was bedoeld voor de ballistische berekening. Het eigenlijke commandocentrum bevond zich op de achtste verdieping. 

De L-Turm is nu volledig eigendom van de stad Wenen. De toren herbergt nu een depot van het Museum voor Toegepaste Kunst.

beschrijving Gefechtsturm Leitturm
Fundering 3844m² 1938m²
Bebouwde oppervlakte 3249m² 885m²
Bruikbare oppervlakte 12630m² 3565m²
Grondoppervlak 47,2m × 47,0m 38m x 19m
Hoogte 42m 39m
Torenmassa 178.400 ton 62.800 ton

 

« Back to Glossary Index