Martin BosOefeningen

Bastion Lion: Gravendienst – de donkere achterkant van oorlog

Een vrachtwagen rijdt het oefenterrein in Coevorden op. Op de laadbak liggen donkergroene bodybags, strak vastgezet met spanbanden. Twee militairen in witte pakken stappen naar voren. In stilte tillen ze de zware zakken van de wagen. Eén bij het hoofdeind, één bij het voeteneind. Wat volgt is een strak, bijna ritueel proces. Geen echte missie, maar levensecht geoefend. We zijn bij het Gravendienstpeloton, een eenheid die ook een plaats heeft gekregen in de oefening Bastion Lion. De eenheid richt zich op de terugkeer van gesneuvelden.

Gravendienstpeloton: klein, maar onmisbaar

Het Gravendienstpeloton is een kleine, gespecialiseerde eenheid. Normaal onzichtbaar en alleen actief wanneer het echt moet. De militairen komen uit verschillende richtingen. Sommigen zijn sportinstructeur en hebben deze functie in oorlogstijd, anderen zijn reservist met ervaring in de uitvaartsector. Zoals tweede luitenant Chris Zorge. Hij kent het werk, ook onder extreme omstandigheden. “In Kosovo werkte ik aan het ruimen van massagraven,” zegt hij. “Dat vergeet je nooit meer.”

De militairen van het peloton zijn getraind om snel en waardig te handelen. Elke gesneuvelde wordt geregistreerd, gecontroleerd en gereedgemaakt voor transport. Niet alleen Nederlandse militairen, ook coalitiegenoten, burgers of vijandelijke strijders. Iedereen krijgt dezelfde zorg. Voor iedere groep is er een eigen koelcontainer.

Van front naar thuisfront

Na de frontlinie is er een zogenoemd Casualty Collection Point. Hier worden de doden opgehaald door transporteenheden. Op het oefenterrein in Coevorden nemen de mensen van de Gravendienst het over (normaal bevindt het Gravendienstpeloton zich dichter bij het front). De lijkzakken worden gelost en opgeslagen in de koelcontainer.

In de registratie- en identificatie-zone wordt een voorlopige identiteit vastgesteld aan de hand van een herkenningsplaatje en de uitrusting. Daarna worden de kleding, documenten en persoonlijke bezittingen onderzocht. Alles wordt vastgelegd. De stoffelijke overschotten worden klaargemaakt voor vertrek naar Nederland. De daadwerkelijke identificatie gebeurt pas ’thuis’, door de forensische dienst.

Balans tussen afstand en respect

De eenheid is in Bastion Lion ingesteld op 80 doden per dag. Tweede luitenant Floris, de pelotonscommandant, benadrukt het belang van professionele afstand. “We blijven ons ervan bewust dat we met mensen te maken hebben. Maar we vermijden een persoonlijke band. Dat is nodig om mentaal gezond te blijven.” Bovendien trainen de medewerkers met bezoeken aan politiemortuaria of gesprekken met ervaren collega’s.

Voor veel militairen is het confronterend. De chauffeur op de Scania WLS die de (oefen) stoffelijke overschotten komt brengen bevestigt het: “Gisteren had ik voor het eerst een bodybag op mijn flatrack liggen. Het is toch anders als je het ineens zelf doet.” Ook bezoekers aan het peloton op het terrein in Coevorden voelen de druk. Je weet dat het een oefening is, maar het voelt toch beklemmend.

Waarom het werk ertoe doet

Voor een van de militairen is de motivatie helder. “Het voelt als dankbaar werk. Je brengt iemand terug naar zijn dierbaren. Dat is misschien wel de meest eervolle taak die er is.”

In de koelcontainer liggen de binnengekomen zakken nu opgestapeld. Het personeel van het Gravendienstpeloton kan even ontspannen. Tot de volgende vrachtauto komt. Het is een onzichtbare taak. Iets waarvan je het bestaan het liefst zou ontkennen. Binnen Bastion Lion is het een cruciaal onderdeel van de oefening. Want ook als het goed misgaat, moet je voorbereid zijn.


De reportages over oefening Bastion Lion

In meerdere reportages kan je lezen over (en kijken naar) de oefening Bastion Lion. Je vind het overzicht hieronder.