Martin BosNieuws van Defensie en industrie

Turkse defensie-tentoonstelling in Rotterdam

De Turkse marine bracht met vier schepen een vriendschapsbezoek aan Rotterdam (zie de eerdere reportage). Tijdens dat bezoek organiseerde de Turkse defensie-industrie aan boord van de drone carrier en amfibisch aanvalsschip TCG Anadolu een tentoonstelling van de eigen producten.

De combinatie van oorlogsschepen en defensiebedrijven liet zien hoe sterk Turkije de afgelopen decennia heeft ingezet op een eigen defensie-industrie. Van drones en sensoren tot scheepssystemen: een groeiend deel van het Turkse materieel wordt tegenwoordig in eigen land ontwikkeld en gebouwd. Dat is geen toeval, maar het resultaat van decennia bewust beleid.

Made in Türkiye

Het keerpunt lag in 1974. Na de Turkse militaire interventie op het eiland Cyprus legden de Verenigde Staten een wapenembargo op. De levering van cruciale reserveonderdelen en munitie viel stil. Het leidde tot de oprichting van een eigen defensie-industrie. Aanvankelijk richtten deze bedrijven zich op het opvangen van leveringsverstoringen. De boodschap was helder: afhankelijkheid van buitenlandse leveranciers is een (herkenbaar) strategisch risico.

In 1985 richtte de Turkse overheid de SSB op. De Savunma Sanayii Başkanlığı, ofwel het Agentschap voor de Defensie-industrie. De kerntaak werd de opbouw van een volwaardige nationale defensie-industrie. Met als ambitie om alle benodigde wapens, voertuigen en systemen zo veel mogelijk in eigen land produceren.

Na 2017 versnelde die ontwikkeling. De SSB werd rechtstreeks onder de president geplaatst, wat de besluitvorming versnelde. Meer dan 70 procent van de gepantserde voertuigen en munitie moest uit eigen land komen. Tegelijk gaf de uitsluiting uit het F-35-programma in 2019 (als sanctie voor de aankoop van het Russische S-400-luchtverdedigingssysteem) een nieuwe impuls aan de eigen ontwikkelingen.

De economische resultaten zijn ondertussen aanzienlijk. In 2024 exporteerde Turkije voor 7,1 miljard dollar aan defensiematerieel, goed voor een elfde plaats wereldwijd. Met afnemers in 185 landen. De SSB beheert inmiddels meer dan 1.100 actieve projecten bij ruim 3.500 binnenlandse bedrijven met in totaal circa 90.000 medewerkers.

Bedrijven op de tentoonstelling

De tentoonstelling aan boord van de TCG Anadolu liet een klein deel zien van de capaciteit van de Turkse defensie-industrie. Je ziet hieronder de verschillende presentaties per leverancier.

Baykar

Özdemir Bayraktar richtte zijn bedrijf Baykar in 1984 op als machinefabriek voor de auto-industrie. Pas in 2004 besloot hij samen met zijn zoon Selçuk de overstap te maken naar drones. Die keuze bleek bepalend voor de verdere ontwikkeling van het bedrijf. Zonder overheidssubsidies of staatsleningen financierde Baykar alle projecten met eigen middelen. In 2024 behaalde Baykar 1,8 miljard dollar aan exportomzet. Het bedrijf telt inmiddels circa 7.500 medewerkers.

De Bayraktar TB2 groeide uit tot ’s werelds meest geëxporteerde gevechts-UAV, inmiddels actief in 34 landen. De TB3 zien we aan boord van de TCG Anadolu. De Kızılelma (het eerste Turkse onbemande gevechtsvliegtuig) is als model te zien en bedoeld om te zijner tijd vanaf de TCG Anadolu te opereren.

Aselsan

In 1975 richtten vier Turkse ingenieurs Aselsan op in Ankara. Het eerste doel was het produceren van militaire radio’s onder licentie van Philips. Vijftig jaar later is dat bescheiden begin uitgegroeid tot iets heel anders. Aselsan is inmiddels Turkije’s grootste defensie- en elektronicabedrijf, met ruim 13.500 medewerkers en een omzet van 4,65 miljard dollar.

De vitrines van Aselsan toonden het Gökdeniz kanon, het Göksur 100-N luchtverdedigingssysteem, het PİRİ-100 Infrared Search and Track System, het Sefine Shipyard Marlin onbemande vaartuig (met apparatuur van Aselsan), de Denizgözü-Ahtapot sensor en een model van een fregat van de Istanbul-klasse met in het blauw de Aselsan-onderdelen.

Makine ve Kimya Endüstrisi (MKE)

MKE is bekend als fabrikant van munitie (van gewone patronen voor handwapens tot aan granaten), klein-kaliber vuurwapens en geschut. Nieuw is de MKE Pirana. Het is een Unmanned Surface Vessel (USV, kamikaze-oppervlaktevaartuig). Het vaartuig is bedoeld voor eenmalig gebruik (als het goed gaat). De snelle (40+ knopen) drone kan autonoom of op afstand bestuurd varen en heeft een 65 kg explosieve lading om vijandelijke schepen of havens aan te vallen.

De Otomatik Bomba Atar (OBA) is de automatische 40 mm granaatwerper van MKE.

Het bedrijf produceert verschillende soorten munitie. In zowel .50 (12,7 mm) als in de 20 mm granaat heeft men een variant tegen drones.

Otokar

Het bedrijf Otokar stond op de tentoonstelling met het Cobra II terreinvoertuig. Gepantserd en inclusief chauffeur en voertuigcommandant geschikt voor het vervoer van tien personen. Het getoonde voertuig was in de ambulance-uitvoering.

BMC

De Vuran is een 4×4 gepantserd Multi Purpose Armored Vehicle, ontwikkeld door BMC. Het voertuig biedt ruimte aan maximaal 9 militairen en voldoet aan de NAVO-normen voor bescherming tegen ballistische dreigingen en mijnexplosies.

Sedef Shipyard

De Sedef scheepswerf stond met een schaalmodel van de TCG Anadolu op de tentoonstelling. Het schip is op hun werf gebouwd.

FNSS Defence Systems

De FNSS ZAHA (een afkorting van het Turkse Zırhlı Amfibi Hücum Aracı, gepantserd amfibisch voertuig) is speciaal ontworpen voor het amfibische werk van de Turkse marine. In 2017 tekende FNSS een contract met de Turkse defensie-industrie voor de levering van 27 voertuigen. De eerste levering was in maart 2023. De ZAHA haalt 7 knopen op water en 70 km/u op land. Alle voertuigen staan normaliter op de TCG Anadolu. De internationale naam voor het voertuig is Marine Assault Vehicle.

Beyond Technologies

De Bazna van Beyond Technologies is een FPV (first person view) kamikazedrone. Dankzij de speciaal ontwikkelde communicatie-infrastructuur werkt Bazna (volgens Beyond) zelfs onder bereik van stoorsystemen. De bol bovenop is het explosief met 660 stalen fragmenten. De kleur blauw geeft aan dat het de inerte (oefen)versie betreft. In de container (zie de foto) kunnen 10 Bazna-drones meegenomen worden. Inclusief alle batterijen, communicatiesystemen en ladingen.
Beyond heeft meerdere soorten drones in hun productaanbod. Met andere soorten bewapening maar ook een drone die als moederschip voor de Bazna kan dienen, om het bereik te vergroten.

Verschillende vuurwapens

Tussen de Otokar Cobra II en BMC Vuran voertuigen stond een lange tafel met de verschillende Turkse vuurwapens. De wapens waren uitgevoerd in de gebruikelijke westerse kalibers: 9×19 mm Parabellum, 5,56×45 mm en 7,62×51 mm.

Op de man

Een peloton van de Turkse mariniers liet zich met hun persoonlijke bewapening fotograferen.

Het standaard persoonlijke wapen is een variant op de M16 in kaliber 5.56×45 mm: de Sarsilmaz SAR 56C. Als licht ondersteuningswapen zien we de vertrouwde Minimi (M249). Als raketwerper gebruikt men nog de oudere RPG-7. Het 40 mm wapen van MKE zorgt voor extra vuurkracht.

Buiten, op de schepen

Dat Aselsan een grote defensieleverancier is, zien we ook buiten, op de Turkse schepen.

Het dubbelloops 35mm kanon Gökdeniz vinden we op alle schepen in de haven. Het is een nabijheidsverdedigingssysteem (Close In Weapon System, CIWS) en gebruikt de eveneens van Aselsan afkomstige hoogexplosieve en airburst munitie. Het wapen kan tot 1100 schoten per minuut afvuren met een effectief bereik van 4 km. Het systeem is primair bedoeld ter verdediging tegen anti-scheepsraketten, onbemande luchtvaartuigen en andere precisiegeleide munitie. Het kan ook worden ingezet tegen conventionele en helikoptervliegtuigen, oppervlakteschepen, kleine vaartuigen, kustdoelen en drijvende mijnen.

Twee andere producten op de schepen zijn het lanceersysteem van het Hizir Torpedo Countermeasure System en het Aselsan STOP 25 mm kanon.

Het LIAS-200D (Laser Warning Receiver System 200D) is een Aselsan-systeem dat laserdreigingen detecteert en herkent. Zodra het systeem een gerichte laser waarneemt, activeert het automatisch de tegenmaatregelen.

Rotterdam als nieuw begin

In de avond trok de tentoonstelling op TCG Anadolu een indrukwekkende groep gasten: ambassadeurs, militaire attachés uit diverse landen en de commandant van de Koninklijke Marine, vice-admiraal Harold Liebregs. Ook de Turkse ambassadeur in Den Haag, Fatma Ceren Yazgan, was aanwezig en ze stak haar trots niet onder stoelen of banken.

Twee Turkse vlaggen

“Bijna 30 jaar lang hebben Turkse oorlogsschepen geen havenbezoek aan Nederland gebracht”, zei Yazgan. “Dit is een teken dat de relatie tussen twee geallieerde landen onder het niveau is gezakt dat het zou moeten zijn.” Over de beurs en de schepen was ze helder: “Het schip zelf is eigenlijk een product. Zelfs als je het de haven ziet binnenvaren, voel je de kracht ervan op zee.”

Haar boodschap aan het bredere publiek was even direct: “Nederland is een maritieme natie en beschikt over belangrijke technologieën op het gebied van zeeverdediging. Ik geloof dat Nederland en Turkije samen een zeer belangrijke bijdrage kunnen leveren aan de Europese veiligheid.”

Tegelijk was de tentoonstelling een uiting van kracht. Van wat er kan wanneer je als land er bewust voor kiest om je defensie-industrie in eigen hand te nemen. Om de afhankelijkheid van het buitenland sterk te verminderen. Een onderwerp dat de laatste maanden ook speelt in Europa.